Windmolen

Iedere maand schrijf ik een hoofdredactioneel commentaar voor het kerkelijk magazine OnderWeg. Regelmatig plaats ik de commentaren ook op mijn blog. Gratis OnderWeg proberen? Doe het vooral!

Lezers die je blad betrokken en kritisch volgen moet je koesteren. Laat ze maar brieven schrijven en op sociale media vertellen wat hen roert of stoort aan de inhoud. Desondanks voelde ik enkele weken geleden een lichte jeuk bij een lezersreactie. Op de cover van ons themanummer over ‘spiritueel bijtanken’ stond een oude, vuile bezinepomp. Daar had toch beter een foto van een duurzame windmolen kunnen staan, reageerde iemand? Een alternatieve covertekst voor het ‘litertje spiritualiteit voor dorstige kerkgangers’ had hij ook: ‘Een duurzaam kWatt’je spiritualiteit voor een energievragende kerkganger’.

Van kleine, minder belangrijke zaken maken ze een heikel punt, maar aan echt belangrijke zaken gaan ze voorbij.

Maak je een heel nummer over de diepere roerselen van hart en ziel, gaat de respons over iets zakelijks als groene energie. Ik had het niet kunnen verzinnen, maar wellicht zette het mij juist daarom aan het denken. Had deze creatieve lezer eigenlijk geen punt?

Voor een inkijkje in het antwoord neem ik u mee naar het Reformatorisch Dagbladvan begin vorige maand. Daarin constateerde de conservatieve denker Bart Jan Spruyt dat er onder (orthodox-)gereformeerde christenen een ‘snel doorslaande belangstelling’ is voor milieu en duurzaamheid. Er ontstaat een overfocus, schreef hij: ‘Van kleine, minder belangrijke zaken maken ze een heikel punt, maar aan echt belangrijke zaken gaan ze voorbij.’

Evenwichtig en zonder vingerwijzen je verhaal neerzetten is lastig, bewijst ook Spruyt’s opinie. Toch stipt hij een topic aan waar we best even bij stil mogen staan. Dat ook christenen de opdracht tot rentmeesterschap steeds vaker handen en voeten geven door bewuste afvalscheiding, plastic-diëten, fiets- in plaats van vliegvakanties, vleesvervanging en tweedehandskleding is grote winst. Maar waar voorheen bijvoorbeeld niet reizen op zondag, twee keer kerkgang en gereformeerd onderwijs tot noodzakelijke kenmerken van een geloofwaardig kerkmens behoorden, kan onder (een nieuwe generatie) christenen een duurzame leefstijl zomaar zo’n zelfde ding worden. Doe je het niet, dan deug je toch stiekem niet helemaal.

Beter voor God’s schepping zorgen brengt je dichter bij God, maakt je dus een spiritueler mens.

Onlangs las ik het boekje Genieten van genoegvan duurzaamheidsexpert Martine Vonk. Als er iemand een groen geloof predikt, is het Martine wel. Maar het overtuigende in haar boodschap vind ik de onlosmakelijke link die zij legt tussen ‘groen geloven’ en Godsgeloof: beter voor God’s schepping zorgen brengt je dichter bij God, maakt je dus een spiritueler mens. In dat licht had een windmolen op die cover dan ook verre van misstaan.

 

Op weg naar Pasen, het feest van genade, lijkt juist genade de grote afwezige in de rel rondom het anti-homopamflet

Genade en respect lijken afwezig in de hijgerige herrie rondom het anti-homopamflet van de katholieke club Civitas Christiana, dat deze week werd meegestuurd door het Reformatorisch Dagblad. En dat in de week voor Pasen, het feest van genade. Het zit me dwars dat juist ook christenen met een bijna manische gedrevenheid de strijd aangaan. Zou dat niet heel anders moeten?

Het grote, rode kruis door de twee zoenende mannen op het pamflet van het katholieke Civitas Christiana kun je, als je zou willen, juist in deze week voor Pasen religieus laden. Dit zou ook kunnen met het gejoel en geschreeuw dat het Reformatorisch Dagblad en Civitas Christiana in de Stille Week over zich heen krijgen. ‘Kruisig hen, kruisig hen’, hoor ik doorklinken in de talloze venijnige, vuilspuwende tweets en Facebook-comments. Genade en respect lijken afwezig in de hijgerige herrie waar inmiddels ook de seculiere media gretig op inhaken.

De bijna manische gedrevenheid waarmee ook christenen momenteel de strijd aangaan en beide clubs aan de schandpaal nagelen roepen weerstand in mij op.

Ik stoor me eraan, merk ik, het maakt me treurig en ik krijg steeds meer de neiging het op te nemen voor beide mikpunten, vooral voor de reformatorische krant. Inderdaad, dat pamflet van Civitas Christiana is een misbaksel, de club erachter vertoont nare, fanatische trekken en vergaloppeert zich enorm door zo kwetsend op de man te spelen. Maar de bijna manische gedrevenheid waarmee ook christenen momenteel de strijd aangaan en beide clubs aan de schandpaal nagelen roept weerstand in mij op.

Vertel me waarom mijn kinderen hiermee gediend zijn?

De posters van Suitsupply had ook ik liever niet gezien, net als trouwens de schaars geklede dames op Hunkemöller-vrachtwagens. Mag ik dat nog zeggen? Ons lichaam, sensualiteit en seksualiteit zijn prachtig in zichzelf, cadeaus voor de mens in trouw en liefde maar niet bedoeld om opzichtig op straat te etaleren, vind ik. Vertel me wat je ermee wint, buiten commercieel gewin? Vertel me waarom mijn kinderen hiermee gediend zijn, buiten dat ze er misschien een tikkie meer world wise van worden. Vertel me dan ook welke dienst je homoseksuelen bewijst met een poster van twee zoenende mannen? Aandacht, erkenning, begrip, respect, openheid? De vernielde bushokjes, bekladde mannenposters en huidige (online) discussie waarin helaas ook ‘homohaters’ grofgebekt van zich laten horen bewijzen het tegendeel, volgens mij.

Oké, weer een deuk extra in het imago van de club, maar wat win je hiermee, is hier alles mee gezegd?

Mag je vanuit christelijk-moreel perspectief de Suitsupply-posters afkeuren zonder een bak met vuil over je heen te krijgen? Die vraag komt deze dagen in mij op. Alle pijlen zijn op dit moment gericht op het RD en Civitas Christiana. Ook christenen rennen mee in wat bijna een heksenjacht lijkt: ze halen geld op om binnenkort een zo groot mogelijke advertentie met zoenende mannen in het RD te krijgen. Of ze duiken (ND-commentaar van vandaag) in de historie en missie van het katholieke comité en constateren dat er onder het ‘quasi-gelovige’ vaandel niets goeds te vinden is. Oké, weer een deuk extra in het imago van de club, maar wat win je hiermee?

Niets de beuk erin, niets terugslaan door te provoceren

Het is het toepassen van het Bijbelse ‘oog-om-oog-, tand-om-tand-principe’ om een paginagrote advertentie met twee tongzoenende mannen in het RD te krijgen, las ik ergens. Zonder in deze week al te makkelijk met taferelen uit het lijdensverhaal te goochelen, moest ik bij die opmerking toch denken aan de zwijgende Jezus voor hogepriester Kajafas. Niets de beuk erin, niets terugslaan door te provoceren, beledigen en massaal van alles te roeptoeteren. Jezus zweeg.

Deze Stille Week brengt ons bij het meest genadige moment in de geschiedenis: de kruisdood van Jezus en Zijn opstanding. Waar naar mijn beleven in deze rel genade en respect de grote afwezigen zijn, vieren we als christenen juist komende dagen het feest van de genade. Ik hoop dat alle partijen in deze kwestie zich laten inspireren door het komende Paasfeest, de strijdbijl begraven, eerlijk en open het gesprek aangaan en excuses maken waar dat nodig is. Zodat een genadige rust kan weerkeren.

‘Laten we het verdelen van de plekjes in de hemel maar aan God overlaten’

Dit weekend verschijnt er een nieuwe column van mij in het kerkelijk magazine OnderWeg. De laatste, omdat ik per 1 april a.s. hoofdredacteur hoop te worden van dit mooie blad. Ik neem je mee naar kerstavond 1987, ik zou de volgende dag 15 jaar worden.

‘Toen Joop den Uyl op kerstavond 1987 overleed, vreesde ik ernstig voor zijn eeuwig heil. Ik zeg het maar gewoon zoals ik het beleefde. Zo’n rooie rakker die zijn gereformeerde opvoeding achter zich gelaten had en het geloof in God even daarvoor nog ‘lariekoek’ noemde, kon in mijn ogen geen plekje in de hemel krijgen.

Noem het gerust een uitvloeisel van het overzichtelijke en rechtlijnige wereldbeeld dat ik meekreeg. Er werd om mij heen in hokjes, vakjes en kleurtjes gedacht, dat vormt simpelweg de kijk op het leven van een jong-adolescent.

Als christen kun je een allergie ontwikkelen tegen elke waarheidsclaim, stelligheid of principiële keuze.

Tegen oneigenlijk hokjesdenken probeer ik mij inmiddels dagelijks te verzetten. Ook heb ik niet meer de illusie te gaan over de plekjes in de hemel. Toch realiseer ik me dat je je als christen ook in dit louterende vormingsproces kunt vergalopperen. Dat je een allergie kunt ontwikkelen tegen elke waarheidsclaim, stelligheid of principiële keuze. Dat het niet meer hip is te vinden dat wie Jezus belijdt zich simpelweg in woorden en daden zal onderscheiden van wie dat niet doet.

Dit jaar overleden kort achter elkaar de vrijzinnige predikant Nico ter Linden, oud-premier Lubbers en televisiekoningin Mies Bouwman. Nederlanders met de bekendheid van een Joop den Uyl. Ook christenen blikten terug op hun levens. ‘God hebbe zijn ziel’, werd er over Ter Linden geschreven, de man die ons aanspoorde de lichamelijke opstanding van Jezus vooral als beeldtaal te zien. Over Lubbers – in wiens rouwadvertentie met geen woord over God of geloof gerept werd – kregen we ‘7 geloofsuitspraken van Ruud Lubbers’ gepresenteerd. En voor Mies werd postuum aan God gevraagd ‘nu het goede voor haar te doen’.

Ik verloor afgelopen jaren steeds meer waarheidsclaims. Maar twee heb ik er gehouden en hoop ik nooit te verliezen.

Ik verloor afgelopen jaren steeds meer waarheidsclaims. Maar twee heb ik er gehouden en hoop ik nooit te verliezen. De eerste is de Bijbelse waarheid dat niemand tot de Vader komt dan door Jezus Christus. De tweede is dat alleen onze almachtige God bepaalt wie het eeuwige leven heeft. Laten we het verdelen van de plekjes in de hemel daarom vooral maar aan God overlaten.

Gratis proefabonnement op OnderWeg? Doe het!

Er wacht een mooie nieuwe klus: hoofdredacteur van kerkelijk magazine OnderWeg

Per 1 april a.s. treed ik aan als hoofdredacteur van het kerkelijk magazine OnderWeg. Ik volg Ad de Boer op die per 1 januari a.s. stopt als hoofdredacteur. Samen met Leendert de Jong hoop ik dit mooie blad te gaan leiden. Ik blijf naast deze functie ook Tekstbureau Zinenzo runnen.

Hieronder vind je de tekst van het persbericht dat vandaag verscheen. Via dit linkje lees je het bericht dat erover in het Nederlands Dagblad verscheen.

Esther de Hek nieuwe hoofdredacteur kerkelijk magazine OnderWeg

Esther de Hek wordt de nieuwe hoofdredacteur van het kerkelijk magazine OnderWeg, dat zijn lezers vooral vindt in de GKv en de NGK. Ze volgt Ad de Boer op, die per 1 januari 2018 als hoofdredacteur stopt.

Esther de Hek (NGK) gaat samen met Leendert de Jong (GKv) de hoofdredactie vormen. Ze treedt per 1 april 2018 aan. Esther (1972) werkte na haar journalistieke opleiding tien jaar als redacteur/verslaggever, eerst bij het Nederlands Dagblad, daarna bij EO Radio 1. Ze maakte zes jaar deel uit van de redactie van het landelijke CGK-blad De Wekker en is vanaf de start columniste van OnderWeg. Sinds 2006 runt ze een eigen tekstbureau. Ze is met haar gezin lid van de NGK Rijnwaarde in Leidsche Rijn.

Ad de Boer was vanaf de start (begin 2015) hoofdredacteur van OnderWeg, een magazine dat ontstond uit de fusie van De Reformatie (GKv) en Opbouw (NGK). Eerst deed hij dit samen met Henk Hoksbergen, daarna met Leendert de Jong. Daarvoor was hij ruim acht jaar redacteur van Opbouw. Hij blijft als medewerker betrokken bij de rubrieken Nieuws en Praktijklokaal. Sinds kort is hij voorzitter van de Regiegroep hereniging NGK-GKv.

Er zijn meer verschuivingen binnen de redactie. Redacteur Jan Haveman is opgevolgd door Bram Beute, GKv-predikant Kampen-Zuid. Heleen Sytsma vertrekt per 1 januari. Vóór haar OnderWeg-periode was ze zes jaar eindredacteur van De Reformatie. Naar een opvolger voor haar wordt nog gezocht. Tineke Verhoeff volgt Johanne de Heus op als beeldredacteur.

Einde bericht

Volgen wat we doen?

Een bijzondere klus kwam op mijn pad, ik heb er zin in! Volgen wat we doen? Neem gerust een (proef)abonnement!

 

Column: ‘Mijn eerste gebedsgenezingsdienst’

Voor het christelijk magazine OnderWeg, dat dit weekend verschijnt, schreef ik onderstaande column.

‘Deze zomervakantie bezocht ik voor het eerst in mijn leven een gebedsgenezingsdienst. U weet misschien wel, die bijeenkomst tijdens de New Wine Zomerconferentie die de krant haalde vanwege een predikant die van een scoliose genezen zou zijn.

Het eerste deel zat ik met een kop koffie in de tent ernaast. Op een groot scherm zag ik voorganger Wilkin van de Kamp druk doen, alsof de power uit zijn tenen moest komen. Ik zeg u eerlijk: mijn voorliefde heeft Gods zachte aanwezigheid in de wind, zoals bijvoorbeeld Elia Hem in 1 Koningen 19 ontmoette. Dat Hij juist in de stilte – ongehoord en ongezien voor iedereen – de wonderlijkste dingen doet, bekoort mij.

‘Ik loop nergens voor weg en ga aan alles meedoen.’

Toen was mijn koffie op en zat ik daar alleen aan het tafeltje. Ik moest denken aan wat m’n zus de dag ervoor gezegd had: ‘Ik loop nergens voor weg en ga aan alles meedoen.’ Dus zat ik een paar minuutjes later naast haar, achter in de grote tent waar inmiddels bij het podium intens gebeden werd voor de genezing van groepjes mensen.

De claim dat wie maar genoeg gelooft en bidt om genezing ook zál genezen, is de achilleshiel van de gebedsgenezingsdienst, vrees ik. Dominante gebedsgenezers, succesverhalen die mank gingen en een te hoog eventgehalte wekten – terecht – argwaan. Maar zo verdween helaas wel het kind met het badwater, ook bij mij.

Ik voelde me klein, de zwakste schakel in een keten

Daarom stond ik even later ongemakkelijk met mijn hand op de schouder van Daniël. Hij was opgestaan toen gevraagd werd wie er voor zich wilde laten bidden. ‘En degenen die om jou heen zitten, gaan dat voor je doen!’ Pardoes werd het om ons heen leeg, maar wij waren gebleven en gingen bij Daniël staan. Ik voelde me klein, de zwakste schakel in een keten, maar juist daarom volledig afhankelijk toen ik stuntelend aan God vroeg om Daniël te genezen.

Geraakt liepen mijn zus en ik de tent uit. ‘Wat is jou nog van dat moment bijgebleven?’, appte ik haar laatst. ‘Het heeft mij geholpen de schaamte voorbij te komen’, appte ze terug. ‘Als het nu op mijn pad komt, doe ik het weer.’

Reageren? Doe het vooral.

Low budget marketing: 7 tips om zonder dikke portemonnee aandacht te trekken

Klein budget en toch als organisatie in de spotlights staan? Dat kan! Ook organisaties en ondernemers zonder dikke portemonnee kunnen op een aantrekkelijke manier de aandacht trekken. Onderstaande 7 tips (stuk voor stuk beproefd in de praktijk) maken ‘low budget marketing’ succesvol en uitdagend.

Al jaren werken wij ook voor klanten met kleine marketing- en promotiebudgetten. Heel bewust, omdat het zo’n interessante doelgroep is.

Ook voor deze klantengroep (non-profits, kerkelijke organisaties, zelfstandigen en zorgclubs) is een professionele uitstraling steeds belangrijker geworden. Zonder dat word je simpelweg minder serieus genomen.

Maar hoe steel je low budget de show?

Door onze jarenlange ervaring met ‘low budget marketing’ ontdekten we wat werkt. Doe je winst met deze tips:

1. Werk met ontwerpers en websitebouwers uit het buitenland.

De tarieven van ontwerpers en websitebouwers buiten Europa liggen aanzienlijk lager dan die uit Nederland. Zo maakten wij eind vorig jaar een mooie website voor een zorgondernemer met een websitebouwer in Zuid-Afrika. Het kostte stukken minder dan bij samenwerking met een webbureau in Nederland. Via FaceTime, Skype, WhatsApp en mail is er prima overleg mogelijk.

2. Zet een weblog in.

Koppel altijd een weblog aan de website. Waarom? Een blog is een perfecte manier om via je sociale media snel en makkelijk informatie online met het (grote) publiek te delen. En: een weblog in de lucht hebben (bijvoorbeeld via WordPress) kost weinig tot niets.

  • Schrijf een blog (inhoud moet wel nieuwswaardig, interessant en relevant zijn).
  • Deel het blog via Twitter, Facebook, LinkedIn etc. (de sociale media die je gebruikt). Meerdere keren delen kan heel goed (beperk het wel tot maximaal 3 keer binnen paar dagen).
  • Deel het blog ook via je e-mailing (zie punt 7)
3. Zoek gratis publiciteit met sterke, geloofwaardige content.

Kranten en online (nieuws)media zijn geïnteresseerd in nieuws en interessante informatie die ze (gratis) van derden krijgen aangeboden. Let op: overduidelijke promotiepraatjes maken geen schijn van kans, maar bijvoorbeeld wel:

  • nieuws over een bijzondere actie of bijeenkomst
  • kant-en-klaar interview met iemand uit je organisatie n.a.v. bijvoorbeeld reis of bijeenkomst
  • opiniebijdrage n.a.v. de actualiteit
2017-05-12-KRK2-cgk1-4-FC_web

In mei jl. trok de mini-expositie ‘125 jaar Christelijke Gereformeerde Kerken’ de nodige media-aandacht. Zinenzo was nauw betrokken bij de organisatie.

4. Maak royaal gebruik van sociale media.

Selecteer allereerst 2 of 3 sociale media die je actief in gaat zetten en ga daarmee los. Het gebruik van sociale media is gratis en het bereik groot. Ideaal dus voor je portemonnee. Kies die sociale media waar de doelgroep te vinden is. Voor kerkelijke organisaties is dat bijvoorbeeld Facebook, voor ondernemers is LinkedIn onmisbaar. Wil je jongeren bereiken, gebruik dan in ieder geval Instagram.

5. Laat drukwerk online drukken of ga naar de printshop om de hoek.

Mooi drukwerk is kostbaar. Afgelopen 10 jaar werd drukwerk online laten drukken steeds meer gemeengoed. Zeker voor organisaties met een kleiner budget is dat een voordeel: het scheelt flink in de drukkosten en de persoonlijke service (via e-mail of chat) is meestal erg goed. Daarnaast kan het bij kleinere oplages voordelig zijn om bijvoorbeeld folders te laten printen in plaats van te drukken. Zoek een printshop in de buurt op en ontdek dat de service vaak top is (persoonlijk en gericht op maatwerk).

6. Besteed werk uit aan studenten.

Eerlijk is eerlijk: het is soms even zoeken naar de geschikte persoon maar er zit prachtig talent tussen aankomende journalisten, tekstschrijvers, ontwerpers, fotografen, filmers en websitebouwers. Tegen betaalbare tarieven kunnen zij mooi werk afleveren en ze willen het ook graag. Goede begeleiding is wel belangrijk: dat komt het eindresultaat ten goede en het werkt gewoon ook fijner.

7. Verstuur een e-nieuwsbrief via een gratis nieuwsbriefprogramma

Een e-mailing versturen is een effectieve manier van aandacht genereren. De attentiewaarde van een e-nieuwsbrief is relatief hoog. Er zijn diverse handige nieuwsbriefprogramma’s (MailChimp, Laposta) die het je heel makkelijk maken om een e-mailing naar de achterban, klanten, vrienden en familie te sturen. Gratis programma’s! Zet niet te hoog in en doe bijvoorbeeld 4 keer per jaar een (korte) nieuwsbrief de deur uit. Het is al winst als je weer even zichtbaar bent in de mailbox van je netwerk.

Andere tips voor low budget marketing zijn van harte welkom! Deel ze vooral hieronder. 

 

%d bloggers liken dit: